‘Maak per buslijn een goede keuze voor het type energie’

Vervoerders en overheden zouden niet zonder meer moeten besluiten om elektrisch vervoer in te zetten in stedelijke omgevingen en waterstofbussen in het streekvervoer. Dit is namelijk niet altijd de slimste keuze. “We moeten niet meer alles op de grote hoop gooien maar juist per lijn de beste oplossing zoeken”, aldus Han van der Wal van Qbuzz. Tijdens het Congres BusVision dit jaar spreekt hij over de afwegingen die vervoerders moeten maken voor ze voor een bepaald energie type kiezen op een bepaalde lijn.

Van der Wal ziet dat de sector nu op de drempel staat waarin keuzes moeten worden gemaakt tussen het rijden op fossiele brandstoffen en uitstootloos rijden en heeft vergelijkingen gemaakt tussen de verschillende opties in verschillende situaties. Op basis daarvan heeft hij inzicht gekregen over de keuzes die vervoerders moeten overwegen voor ze voor een bepaalde vorm van zero emissie kiezen. Daarbij kan het zelfs verstandig zijn om nog tijdelijk voor diesel te kiezen.

Toepassing

De landelijke overheid heeft een akkoord ondertekend om over minder dan 10 jaar alle nieuwe bussen zero emissie te laten rijden en daarom wordt nu al meer ingezet op elektrische bussen. Maar nu wordt soms te snel besloten om op lijnen elektrische bussen in te zetten, zonder dat hier goed over nagedacht wordt. Van der Wal: “Er zit vaak veel meer achter dan alleen de uitstoot. Er moet gekeken worden naar de financiële en de operationele keuze, maar ook naar de energetica. Niet elke oplossing is generiek toepasbaar.”

Volgens Van der Wal kan het soms verstandiger zijn om toch niet met vol elektrische bussen te gaan rijden, omdat dit vanwege de lengte van de lijn nog niet mogelijk is of omdat de benodigde infra voor tussentijdse energievoorziening gewoon te duur is. Waterstof, aardgas of zelfs nog tijdelijk diesel (/hybride) kan een meer geschikte keuze zijn. “Elke keuze kan duurzaam zijn, zolang je maar over de combinatie tussen techniek en exploitatie nadenkt”, meent Van der Wal.

Stadsgebruik

Gewoonlijk worden elektrische bussen het meest geschikt geacht voor het stadsvervoer en waterstofbussen – met de veel ruimere actieradius – in het streekvervoer. Waterstofbussen zijn tegelijkertijd juist ook voor het stadsvervoer heel geschikt, omdat waterstofbussen automatisch hybride zijn, waardoor de remenergie kan worden terug geleverd aan de bus. Dit is vooral voordelig wanneer een bus veel remt en weer optrekt, dus in een stedelijke omgeving. Door het hergebruik van die energie kan er een lager brandstofgebruik per kilometer gegenereerd worden en komen de exploitatiekosten toekomstig iets meer in de buurt van dieselbussen.

“Dieselbussen in stad rijden ongeveer 1 op 2,5 en waterstofbussen in dit geval ongeveer 1 op 10”, aldus Van der Wal. “Op basis van de verwachting van toekomstige waterstof kosten kunnen deze bussen financieel ongeveer net zo aantrekkelijk worden als dieselbussen.”

Productie

Verder zal Van der Wal de mogelijkheden aanstippen waarop waterstof kan worden geproduceerd. Momenteel is de productievan waterstof nog beperkt, wat een van de redenen is waarom waterstofbussen nog relatief duur is. Waterstof kan nu geproduceerd worden als een restproduct van verschillende chemische processen. Nadelig hieraan is echter dat een dergelijk proces dus in de buurt van de vervoerder moet plaatsvinden, voordat hier gebruik van kan worden gemaakt. Die samenloop is niet overal in Nederland.

Waterstof kan verder geproduceerd worden door steam reforming. Hierbij wordt aardgas ontleed en ontstaat gescheiden waterstof. Dit heeft echter het grote nadeel dat hierbij CO2 als restproduct ontstaat en er is heel veel aardgas nodig. Hoewel de bussen in een dergelijk geval geen uitstoot hebben, heeft het productieproces behoorlijk wat uitstoot. Van der Wal: “De vraag blijft of dit wel zero emissie is.”

Een andere manier om waterstof te produceren is door elektrolyse. Van der Wal: “Dit kan de meest gebruikte manier worden om deze brandstofsoort op te wekken. Echter in dat geval is zoveel kilowatt stroom nodig voor de productie van waterstof dat je je af moet vragen of dit een echte concurrent kan zijn voor batterij bussen. Daarnaast wordt dit gezien als een prima methode om stroom op te slaan, maar energetisch is dat niet echt effectief.”

Energiebelasting

Van der Wal heeft voor Qbuzz allerlei cijfers verzameld en vergelijkingen gemaakt over de mogelijke inzet van waterstof-, elektrische, dieselhybride of voorlopig zelfs nog de gewone dieselbussen en hoopt aan andere vervoerders hiermee de boodschap mee te geven voor een verantwoorde, duurzame keuze.

Dit kan ook een minder energie-renderende keuze zijn, zo meent Van der Wal. “Vervoerders en overheden moeten nadenken over de consequenties van hun keuze. Dat is ook duurzaamheid. Je moet per lijn kijken waar het meest optimale uit te halen is, afhankelijk van de karakteristieken van de lijn. Dan is te bepalen of het elektrisch, waterstof of nog diesel(/hybride) kan zijn.”

Inge Jacobs

busvisionbanner-1

Han van der Wal zal dit onderwerp bespreken tijdens het Congres BusVision 2016, 13 oktober in Expo Houten. Ben je nieuwsgierig hoe je op de meest verantwoorde en duurzame manier zero emissie-busvervoer kunt inzetten? Registreer je dan snel.

Auteur: Inge Jacobs

Inge Jacobs is vaste redacteur van OVPro en schrijft voor verschillende andere vakbladen van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.