Bus en metro RET bij Zuidplein (bron: Rick Keus)

Regionaal OV beleefde recordjaar in 2019 met 1 miljard instappers

De cijfers komen door de coronacrisis in een heel ander daglicht te staan, maar 2019 was een buitengewoon goed jaar voor het regionale openbaar vervoer. Voor het eerst stapten meer dan 1 miljard reizigers in bus, tram, metro en regionale trein. Dat blijkt uit de Staat van het OV, een overzicht van CROW-KpVV met de prestaties van het regionale OV in Nederland, dus zonder het landelijke treinvervoer van NS.

Ook het OV-gebruik en de klantwaardering (7,9) lag nog nooit zo hoog als vorig jaar, bleek eerder al uit de OV Klantenbarometer. “2019 was een heel erg goed jaar voor het regionale openbaar vervoer”, zo blikt CROW-KpVV-directeur John Pommer terug. Daarmee kreeg de jarenlange trend van een behoorlijke jaarlijkse groei een vervolg, al behoeft het geen uitleg dat die inmiddels een abrupte halt is toegeroepen. De cijfers zullen volgend jaar dramatisch lager zijn, zo blikt CROW alvast vooruit.

OV-gebruik

De miljard reizigers die in het regionale OV stapten, legden samen 6,8 miljoen reizigerskilometers af in 18,6 dienstregelinguren. Voor een eerlijke vergelijking met 2018 maakt CROW een correctie door de stakingsdagen in dat jaar. Zonder stakingen in 2018 zou de groei van reizigerskilometers 1,7 procent zijn geweest en die van instappers 2,6 procent.

Over de langere periode 2014-2019 nam gebruik van bus, tram en metro toe met 16,6 procent en die van de regionale trein zelfs met 32,4 procent. Daarbij moet worden aangemerkt dat het aantal regionale spoorlijnen door decentralisatie in deze periode is toegenomen. Vorig jaar bleek wel al dat het aanbod lang niet overal is meegegroeid, wat betekent dat het OV efficiënter is geworden.

Ondanks de lichte daling van gebruik van de regionale trein nam de gemiddelde ritafstand toe naar 21,8 kilometer, terwijl reizigers met 5,95 kilometer juist korter in de bus, tram en metro zaten. Dit strookt volgens CROW met de constatering dat de groei zich vooral concentreert in en rond grote steden, waar veel korte ritten worden gemaakt. De Vervoerregio Amsterdam en Metropoolregio Den Haag Rotterdam zijn samen goed voor 34 procent van alle voertuigritten en bijna 44 procent van de reizigerskilometers.

(Tekst gaat verder onder de foto)

Bus Qbuzz (foto: OV-Bureau GD)

Meer aanbod

Het OV-aanbod nam vorig jaar iets toe: het aantal geplande ritten steeg met 6 procent. Tegelijkertijd bleef het aantal lijnen ongeveer gelijk: van 1.900 naar 1.909. Dat duidt volgens CROW op gemiddeld hogere frequenties, al kan dit ook meer vervoer op afroep betekenen waarbij de ritten wel gepland maar niet uitgevoerd zijn.

Wat opvalt is dat opnieuw streeklijnen zijn verdwenen. Dat gebeurde met name in de nieuwe concessie Drechtsteden, Molenlanden en Gorinchem, maar kwam bijvoorbeeld ook omdat de nieuwe metrolijn Hoekse Lijn in gebruik werd genomen. Daar staat verder een toename van kwaliteitsverbindingen, scholieren- en spitslijnen en buurtbussen tegenover. Ook het aantal tramlijnen nam na jaren weer toe, onder meer door de opening van de Uithoflijn.

Beschikbaarheid

De beschikbaarheid van het OV is licht gedaald, al blijft die groot. In 2016 had 92,3 procent van de Nederlandse bevolking een halte of station in de buurt, in 2018 was dit 91,1 procent. Daarmee ligt de bereikbaarheid weer op een vergelijkbaar niveau als in 2004. “De daling is te relateren aan de ontwikkelingen in het lijnennet, het versnellen van lijnen, waarbij haltes vervallen, en de vervanging van een beperkt aantal lijnen door flexsystemen.”

De OV-beschikbaarheid is het hoogst in de Randstad, om precies te zijn in de Metropoolregio Rotterdam Den Haag met 97,5 procent. De regio Amsterdam blijft hier met 97,4 procent nauwelijks bij achter. De provincies Drenthe en Zeeland kennen met 77,8 en 85,1 procent de laagste beschikbaarheid. Dat betekent niet dat al deze inwoners zijn verstoken van OV, omdat een groot deel van hen kan gebruikmaken van vraaggestuurd vervoer.

Flexvervoer

Het is volgens CROW nog lastig aan te geven in hoeverre dit flexvervoer een groeimarkt is. Het aantal reizigers steekt met 1 miljoen schril af tegen die van het andere regionale OV, maar desondanks zijn de flexsystemen een waardevolle aanvulling. “De voorlopige verwachting is dat het flexvervoer nog wel gaat groeien, maar dat het een nichemarkt blijft voor relatief kleine groepen reizigers, met name in het landelijk gebied en in kleine steden waar de stadsdienst te duur is geworden.”

Al met al maakt de Staat van het OV met deze cijfers een bijzonder positieve balans op, aldus directeur Pommer. “Laat dit een opsteker zijn voor het herstel in 2021.”

Lees ook:

Auteur: Dylan Metselaar

Dylan Metselaar is vaste redacteur voor OVPro.nl.

1 reactie op “Regionaal OV beleefde recordjaar in 2019 met 1 miljard instappers”

Wolfgang Spier|18.12.20|14:38

Méér instappers. Indrukwekkend. Maar “het aantal instappers is anders dan het aantal reizigers. Eén reiziger kan vaker inchecken tijdens één reis”, zie CBS.NL. Eén jaar geleden opende de laatste Nederlandse lightraillijn, Uithoflijn. Hiervoor werden 8 buslijnen naar De Uithof opgeheven. Uitdunnen van OV-netwerken gebeurd altijd als sneltram/metro verschijnt. Gevolgen: meer overstappers (instappers)+langer reizen. In werkelijkheid daalt bus, tram, metro gestaag. Zie CBS. Auto en trein nemen toe.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.