Jongen loopt voor bus in Groningen

OV-bureau Groningen Drenthe hamert op noodfonds

Het wordt hoog tijd dat de Rijksoverheid miljoenen uittrekt om het openbaar vervoer te steunen. Door de coronacrisis worden erg veel reizigersinkomsten misgelopen, terwijl de kosten hoog blijven. Dit beklemtoont Wilko Mol, directeur van het OV-bureau Groningen Drenthe. In de twee noordelijke provincies wordt maandelijks 2,5 miljoen euro aan inkomsten gemist, terwijl de opdrachtgever de rekening aan vervoerder Qbuzz, maandelijks zo’n 9,2 miljoen euro, gewoon betaalt. 

In tegenstelling tot alle andere concessies in Nederland is de vervoerder in Groningen en Drenthe niet opbrengstverantwoordelijk. Dat is de opdrachtgever, het OV-bureau. De vervoerder krijgt betaald voor alle ritten die worden uitgevoerd. Hoewel dat er in de afgelopen weken beduidend minder zijn dan normaal, heeft het OV-bureau besloten de vervoerder niet te korten. Dan zou Qbuzz namelijk in zwaar weer terecht komen.

Zekerheid over fonds

Maar de coronacrisis eist zijn tol. Volgens de directeur van het OV-bureau zijn financiële middelen vanuit de Rijksoverheid noodzakelijk om op termijn te kunnen blijven rijden. In totaal heeft het hele stads- en streekvervoer zo’n 800 miljoen tot 1 miljard euro nodig om dit jaar te kunnen overleven. Halverwege mei moet meer duidelijkheid komen over het fonds en tegen welke voorwaarden dit geld beschikbaar wordt gesteld.

Het is voor de sector cruciaal dat er uiterlijk op die datum ook echt meer zekerheid komt over de financiële steun. Mol: “We zijn al een tijd in overleg met de staatssecretaris, de vertegenwoordigers van de decentrale overheden en de vertegenwoordigers van de vervoerders, maar het gaat tot nu toe te langzaam.”

Mol verwacht overigens dat Den Haag wel middelen beschikbaar stelt – dit is bij andere sectoren ook gebeurd. Mocht daar uiteindelijk niet voldoende in zitten, kan de OV-autoriteit terugvallen op drie alternatieven. Ten eerste kan geteerd worden op de eigen reserves van de opdrachtgever, maar dit is op langere termijn niet houdbaar. Een tweede alternatief is dat de provincies bijspringen. Het laatste alternatief zou bezuinigen betekenen en dat wordt door niemand gewenst.

Nauwelijks besparing mogelijk

Problematisch in de OV-sector is dat de kosten zo hoog blijven. Er wordt wel iets bespaard door het uitsparen van brandstof en omdat uitzendkrachten niet langer worden ingezet, maar in de afgelopen weken reed ongeveer de helft van alle bussen in Groningen en Drenthe met slechts 10 procent van het normale aantal reizigers. Bovendien lopen vaste kosten door. Mol: “We hebben te veel kosten en te weinig inkomsten.”

Premier Mark Rutte heeft onlangs de eerste versoepeling van de maatregelen aangekondigd en gehoopt wordt dat dit de komende tijd verder wordt opgeschaald. Maar dat betekent voor de OV-sector nauwelijks dat er weer geld verdiend kan worden. Het aantal bussen dat moet worden ingezet zal daardoor namelijk toenemen, terwijl het aantal reizigers nog lange tijd beperkt blijft. Vervoerders krijgen verder extra kosten, bijvoorbeeld voor de schoonmaak van voertuigen en omdat het goed in te denken is dat de dienstregeling de hele dag versterkt moet worden, zodat reizigers afstand kunnen houden. Voor de coronacrisis werd de dienstregeling met name in de spits versterkt. “Het kost ons geld om verder open te gaan. Dat besef moet goed doordringen”, benadrukt Mol.

1,5 meter-samenleving

De doelstelling om overal anderhalve meter afstand te houden is in de noordelijke provincies met twijfel ontvangen. Eerder al maakte de OV-sector aan het kabinet duidelijk dat er weinig capaciteit overblijft als die afstand in het openbaar vervoer verplicht wordt en Mol zegt bezorgd te zijn over de haalbaarheid van deze richtlijn. “Je hoeft maar naar een bus te kijken om te zien dat anderhalve meter afstand houden lastig is.”

De capaciteit loopt niet alleen terug, maar passagiers lopen door een bus naar hun zitplaats en moeten natuurlijk bij dezelfde deur in- en uitstappen. “Wij kijken vooral naar beschermingsmiddelen én de mogelijkheid om zo veel mogelijk afstand te houden, waarbij niet te strikt wordt vastgehouden aan die anderhalve meter. Dan zijn nog steeds geen volle bussen mogelijk, maar je kunt het OV wel gewoner laten functioneren”, aldus Mol.

Vervoerder Qbuzz ziet eveneens een grote uitdaging in het vasthouden aan anderhalve meter afstand in het openbaar vervoer. De vervoerder hoopt dan ook dat de richtlijn kan worden verruimd door bijvoorbeeld mondkapjes te verplichten. Dit gebeurt al in de landen rondom Nederland en het kabinet heeft onlangs experts gevraagd hier onderzoek naar te doen.

Reisapp

Een reisapp die bepaalt wie op welk moment mag reizen, kan op weinig enthousiasme rekenen. Niet alleen is zo’n app er nog niet, maar handhaving daarvan is erg lastig. Daarom zien zowel het OV-bureau als vervoerder Qbuzz meer kansen voor een betere verdeling van reizigers over de hele dag. Door de piek in de spitsuren af te vlakken, zullen de bussen minder vol zijn. “Spreiding is key”, aldus Mol.

Lees ook:

Auteur: Inge Jacobs

Inge Jacobs is vaste redacteur van VerkeersNet.nl en schrijft voor verschillende andere vakbladen van ProMedia Group, waaronder OVPro.nl.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.