Rechter

OM in hoger beroep tegen alle vrijspraken NS-aanbestedingsfraude

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft hoger beroep ingesteld tegen de vrijspraak van alle zeven betrokkenen bij de aanbestedingsfraude door NS bij de OV-concessie in Limburg. Dit bevestigt het Functioneel Parket. “Wij hebben de vonnissen bestudeerd en zijn het niet eens met de rechter”, is de verklaring voor het hoger beroep.

Vorige maand deed de rechtbank in Den Bosch uitspraak in de zaak, waarbij alle zeven verdachten werden vrijgesproken. Dit terwijl het Openbaar Ministerie tegen bepaalde betrokkenen forse straffen had geëist, namelijk één jaar cel voor voormalig NS-directeur Timo Huges en drie miljoen euro boete voor het bedrijf NS.

Hoger beroep

De betrokkenen bij de onregelmatigheden in Limburg werden beschuldigd van omkoping, valsheid en geschrifte en fraude, maar de rechter vond dit niet bewezen en oordeelde tot vrijspraak. Daarop liet het OM weten in hoger beroep te willen gaan tegen het besluit van de rechtbank, maar het was nog niet bekend tegen welke zaken dit beroep zou worden aangetekend.

Na de rechtszaken lieten Timo Huges en oud Veolia-directeur René de Beer via hun advocaten weten opgelucht te zijn over de uitspraak van de rechter. “Het juridisch kompas van het OM is ernstig defect gebleken”, zei de advocaat van Huges. De uitkomst van de zaak had hij “verwacht en gehoopt”. Volgens de advocaat was de vervolging door het OM in deze zaak “symboolpolitiek”, met alleen als doel om een voorbeeld te stellen. “Gelukkig houdt de rechtbank het hoofd koel en stelt geen strafbare feiten vast.”

Fraude

Aanleiding voor de strafzaak waren de onregelmatigheden bij NS tijdens de aanbesteding die de provincie Limburg in 2014 uitschreef voor een OV-concessie in Limburg voor zowel trein- als busvervoer met een looptijd van vijftien jaar. Daarop schreven Veolia, Arriva en NS in. Na de gunning aan NS begin 2015 maakten Veolia en Arriva bezwaar. Het OM startte een strafrechtelijk onderzoek en vervolgde NS, NS-bestuurders en de adviseur voor omkoping, valsheid in geschrifte en schending van bedrijfsgeheimen van Veolia.

De rechtbank heeft echter bepaald dat inderdaad bewezen is dat het concurrentiebeding waarschijnlijk overtreden is, maar dat er daardoor nog geen sprake is van strafbaar handelen. Zo’n afspraak om het beding te schenden kan strafbaar zijn, als die valselijk wordt gemaakt, met als doel om te misleiden. Volgens de rechtbank is echter niet aangetoond dat dat het geval is.

Volgens de rechtbank is omkoping niet bewezen, omdat uit opsporingsonderzoek niet is gebleken dat Qbuzz privacygevoelige informatie verwachtte als tegenprestatie voor hun baanaanbod aan de Beer. Voor de derde verdenking – schending van de geheimhoudingsplicht – verklaart de rechtbank het OM niet ontvankelijk. Dat heeft te maken met de wettelijke eis dat voor vervolging een klacht moet worden ingediend door iemand die daarvoor bevoegd is. Ook moet duidelijk zijn dat de partij die de klacht indient ook echt strafvervolging wenst.

Lees ook:

Auteur: Inge Jacobs

Inge Jacobs is vaste redacteur van OVPro en schrijft voor verschillende andere vakbladen van Promedia Group

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.