Marjan Rintel, foto: NS

Verlies in tweede coronajaar voor NS minder groot, maar steun blijft nodig

Net als in 2020 werd de NS ook in het tweede coronajaar zwaar geraakt door de effecten van de coronapandemie en leed de vervoerder opnieuw een fors operationeel verlies. Dankzij de beschikbaarheidsvergoeding van het Rijk en door bezuinigingen wist de het bedrijf de schade in 2021 nog te beperken. “Onze reizigers terugkrijgen is onze eerste prioriteit. We willen terugkomen op het niveau van 2019”, zei president-directeur Marjan Rintel bij de presentatie van de jaarcijfers.

De Nederlandse reizigersopbrengsten vielen vorig jaar 1,1 miljard euro lager uit dan in de periode voor corona. Het resultaat uit bedrijfsactiviteiten bleef beperkt tot een verlies van 49 miljoen euro vanwege de beschikbaarheidsvergoeding van 925 miljoen euro. Zonder die compensatie was het operationele verlies uitgekomen op een verlies van 974 miljoen euro. Het verlies was minder groot dan in 2020. Toen realiseerde de NS een negatief resultaat uit bedrijfsactiviteiten van 95 miljoen euro.

Overbruggingsperiode

Ondanks de zware klappen die de NS opnieuw kreeg in het afgelopen jaar waren Rintel en financieel directeur Bert Groenewegen positief over met name de langere termijn. De komende jaren zien ze vooral als overbruggingsperiode met nog veel onzekerheden en prognoses die sterk uiteenlopen. Zo is bijvoorbeeld nog erg onduidelijk in hoeverre de grote groep forensen terugkeert naar kantoor en hoe vaak per week ze dan weer gaan reizen. Een compensatieregeling vanuit de overheid – in welke vorm dan ook –  blijft daarom nog wel minimaal twee jaar hard nodig voor het openbaar vervoer, verwacht Groenewegen. “Iedereen moet vooruit plannen. De dienstregeling voor het komend jaar is nu al bekend en voor het jaar daarop zijn we ook al bezig. Dan is het belangrijk dat je een mate van zekerheid hebt, een vangnet om op terug te vallen.”

Voor de langere termijn voorziet de NS nog steeds een grote toename van het aantal reizigers. “We blijven investeren in bereikbaarheid”, aldus Rintel. Dat doet de NS onder meer met nieuw materieel, zoals de nieuwe generatie intercity’s (ICNG) en de nieuwe dubbeldekkers DDNG. De aanbesteding voor de dubbeldekkers is inmiddels gestart. Tegelijkertijd moet er de komende jaren wel bezuinigd worden. “Dat lijkt paradoxaal: we moeten besparen en investeren. We doen het beide. Alleen op die manier wordt de NS weer een financieel gezonde organisatie.”

Tot 2025 loopt er een besparingsprogramma van 1,4 miljard euro om de financiën weer op orde te krijgen en treinreizen betaalbaar te houden. Rintel: “De rekening van de pandemie mag nooit bij de reiziger komen.”

Opschaling vanaf maart

Rintel noemde de dag waarop de NS de jaarcijfers over 2021 bekendmaakte speciaal vanwege het verdwijnen van de meeste coronabeperkingen. “Het land gaat weer open. We nodigen iedereen uit om de trein te nemen.” Vanwege de personeelskrapte als gevolg van de toenemende coronabesmettingen reed de NS de afgelopen weken met minder treinen: zo’n 85 procent van de reguliere capaciteit. Deze week is besloten om vanaf maart weer op te schalen. Rintel verwacht dat dan weer nagenoeg alle treinen zullen rijden.

De coronamaatregelen maakte het werk er voor het personeel vaak lastig op vanwege discussies met reizigers. Vooral de mondkapjes moesten het ontgelden. Rintel roemde de veerkracht van de NS-medewerkers, maar hekelde, zoals ze al eerder deed, opnieuw de mondkapjesplicht die vanaf vandaag alleen nog in het openbaar vervoer geldt. “Dat leidt tot veel gedoe en het is niet uit te leggen dat je bij een Albert Heijn op Hoog Catharijne geen mondkapje op hoeft, maar honderd meter verderop bij een AH to Go op Utrecht Centraal wel”, aldus Rintel.

Iets meer reizigers in 2021

Het afgelopen jaar vervoerde de NS iets meer reizigers dan in 2020. In 2021 ging het om 48 procent van het normale aantal, in 2020 om 45 procent. De reizigerspunctualiteit kwam het afgelopen jaar uit op 94,4 procent en lag daarmee iets hoger op die in 2020 (93,4 procent).

Vorig jaar behaalde de NS een omzet van 6.486 miljoen euro. Dat is inclusief de beschikbaarheidsvergoeding van 940 miljoen euro en NOW (Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid). Een jaar eerder lag de omzet op 6.601 miljoen euro, inclusief 842 miljoen euro aan beschikbaarheidsvergoeding en NOW. In Nederland kwamen de vervoersopbrengsten uit op 1.519 miljoen euro, bijna net zo veel als in 2020 (1.539 miljoen euro).

Lees ook

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Maak gebruik van de exclusieve aanbieding

Bekijk de aanbieding

Auteur: Yvonne Ton

Yvonne Ton is freelance journalist voor de online vakbladen van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.