Peter Bijvelds (foto Ebusco)

‘Elektrische bussen zijn verder dan vervoerders soms denken’

De afgelopen tien jaar stonden voor Ebusco niet alleen in het teken van ontwikkelen, maar ook in het wegnemen van scepsis. En nog altijd is niet iedereen zich even bewust van de mogelijkheden met elektrische bussen, ziet oprichter Peter Bijvelds. “Het is belangrijk om vroeg in contact te komen. Dan kunnen we kijken wat er écht nodig is en wat er mogelijk is. Soms wordt iets niet gevraagd omdat er wordt gedacht dat het niet kan.”

35.472.731 kilogram CO2. Oftewel: de jaarlijkse uitstoot van 1.775 Nederlandse huishoudens.Dat is de besparing van Ebusco-voertuigen sinds de eerste bus de weg op ging in 2013. “Bussen zijn een van de grootste vervuilers van de binnenstad, rijden meer dan tien jaar rond en komen op dezelfde plek terug. Je hoeft maar één keer laadinfrastructuur klaar te leggen en dan is het klaar. In het OV zou zero emissie veel sneller gaan. Daarom heb ik in 2010 de overstap gemaakt van elektrische personenwagens naar bussen”, zegt Peter Bijvelds, die in 2012 met Ebusco de eerste volledige elektrische busfabrikant in Europa oprichtte.

Ebusco beleefde aan de vooravond van het tienjarig jubileum een bijzonder jaar. 2021 stond in het teken van de lancering van een eigen fabriek in Deurne en een beursgang op het Damrak. “Na tien jaar ontwikkelen gaan we naar de massa.”

‘Je bent gek’

In 2012 presenteerde Bijvelds zijn eerste elektrische bus op de Duitse vakbeurs IAA. “Je bent hartstikke gek, zeiden ze daar tegen me. Je bus rijdt minder dan de helft van een dieselbus en kost het dubbele”, blikt hij terug in zijn kantoor. “Green is nice as long as it does not affect the price”, leerde hij op dat moment. Het aantal voertuigen dat in de eerste vijf jaar werd verkocht, is op drie handen te tellen. Deze periode stond niet alleen in het teken van scepsis wegnemen en draaide het vooral om in innoveren. “Om te zorgen dat de total cost of ownership (TCO) kon gaan concurreren met conventionele dieselbussen.

“De Ebusco 2.0 in 2015 was een belangrijk omslagpunt. Daarmee toonden we aan dat elektrische bussen niet alleen een leuk project voor erbij is om schoon te zijn, maar dat je ze ook net zo kostenefficiënt kan inzetten.Dat laten we nu dagelijks zien met de Ebusco 2.2” De echte opvolger kwam er in 2019 met de Ebusco 3.0, die volledig in Deurne wordt gefabriceerd en waarvan het casco net als in de luchtvaartindustrie uit koolstofvezelcomposiet is gemaakt. Het zorgt voor een veel lichter voertuig, een groter kilometerbereik en langere levensduur.

Data als bewijs

Vervoerders die in deze tijd alsnog twijfelen aan de potentie van elektrische bussen, kunnen nu makkelijker het tegendeel worden bewezen. Bijvelds opent het monitoringssysteem Ebusco Live, waarin alle bussen realtime kunnen worden gemonitord. Hij laat zien dat er bussen zijn die op meer dan 500 kilometer aantikken op een dag. “Dat zijn nu feiten. Vorig jaar had niemand geloofd dat we dit kunnen. Dat is altijd ons hiaat geweest.”

Nederland – “het braafste jongetje in de klas” – heeft geen overtuiging meer nodig als het om zero emissie gaat. “Hier gaat de bus inmiddels al steeds meer deel uitmaken van het volledige ecosysteem. Maar in het buitenland hoor je nog steeds dat ze een gat in de lucht springen als een bus 200 kilometer kan halen. Met deze data kunnen we dat niet alleen zeggen, maar ook laten zien.”

(Tekst gaat verder onder de foto)

Elektrische bussen Ebusco (foto: Ebusco)

Op tijd in gesprek

In het monitoringssysteem is Bijvelds inmiddels genavigeerd naar Duitsland, waar hij een bus aantikt die op de meeste dagen maar voor maximaal 60 procent leeg gaat. “Zo willen we ook in gesprek met vervoerders. Er wordt uitgevraagd op onbeperkte mogelijkheden zoals met diesel. Maar je moet ook kijken wat je écht nodig hebt. Als een klant zegt dat bussen 500 kilometer op een dag moeten kunnen rijden, zijn er misschien maar twee van de honderd waarmee dat echt gebeurt. Daarom is het belangrijk om vroeg in contact te komen.”

Om die reden ging Ebusco al partnerships aan met meerdere vervoerders, wat de fabrikant weer helpt om de bussen naar een hoger plan te tillen. “We willen met de markt in gesprek en meedenken voordat voor concessies wordt ingeschreven. Zodat er naar alle mogelijkheden worden gekeken die er zijn. Af en toe wordt er nog gerekend met de stand der techniek van één of twee jaar geleden, terwijl onze innovaties dan al veel verder zijn.”

“We willen in een vroeg stadium begrijpen wat nodig is. Dat bijvoorbeeld geen 12- maar 13-meter bussen nodig zijn, omdat vier reizigers heel veel gaat helpen in de tender”, vervolgt Bijvelds. “Dat soort maatwerk kunnen we leveren en het helpt ons om de markt beter leren kennen en te kunnen meedenken. De denkwijze van een fabrikant en een operator is anders. Aan ons de uitdaging om de behoefte van operators echt goed te begrijpen, en te vertalen in de beste oplossing. Daarom hebben we ook veel mensen met ervaring aan de operationele kant in dienst.”

Andere landen

De focus van Ebusco zal vanaf nu ook nadrukkelijk gericht zijn op het buitenland, nu de tijd voor serieproductie aangebroken. “In Nederland is één op de vier bussen al elektrisch. In de rest van Europa en Amerika zijn er grote plannen, maar zie je dat ze nog onder de 5 procent zitten.” Op dit moment heeft de fabrikant vestigingen in Nederland, Duitsland, Frankrijk, China, Noord-Amerika en Australië.

Als het aan Bijvelds ligt, worden dat er snel meer. “De reden waarom we naar de beurs zijn gegaan, is om te zorgen dat we daar lokale productiecapaciteit krijgen en personeel om op tenders in te schrijven. We hebben de blueprint nu staan en van een stabiel product de productiemethode uitgebreid. Dat gaan we nu uitbreiden.”

Auteur: Dylan Metselaar

Dylan Metselaar is vaste redacteur voor OVPro.nl.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.